Nieuws

Laat een G1000 aan 's-Hertogenbosch voobijgaan

Den Bosch kan democratie ook zonder G1000 stimuleren

Den Bosch heeft tal van goede mogelijkheden om de lokale democratie te bevorderen. Daar is geen volksraadpleging zoals het initiatief G1000 voor nodig.

(dit artikel stond op zaterdag 4 juli 2015 op de opiniepagina van het Brabants Dagblad) 

Wat een onzalig idee van GroenLinks en D66 om een G1000 te willen organiseren in onze stad, en om daaraan de stadsessays als gespreksonderwerp te koppelen. Waar gaat het om? De G1000 staat voor een initiatief waarbij 1000 inwoners op basis van loting in een onderlinge dialoog voorstellen doen over uiteenlopende thema’s zoals zorg en welzijn, duurzaamheid, wonen, etc. etc. De stadsessays zijn verhalen waarin vier professoren ingaan op de uitdagingen van deze nieuwe tijd. Het was een uitnodiging van het oude aan het nieuwe college van Burgemeester en Wethouders om hier het gesprek met de stad over aan te gaan. Waarom is dit een onzalig idee? De fracties van GroenLinks en D66 willen een nieuwe dimensie aan de lokale democratie toevoegen. De redenering is dat niet iedereen zich vertegenwoordigd weet door de gemeenteraad. En door naast de gekozen gemeenteraad een gelote volksvertegenwoordiging te zetten zullen de mensen weer meer het gevoel krijgen dat de overheid van en door henzelf is. Ik zie drie bezwaren:
1       Mijn eerste bezwaar is dat volstrekt onduidelijk is wie zich binnen het gemeentebestuur gaat committeren aan de uitkomsten van zo’n volksraadpleging. GroenLinks en D66 scheppen hierover zelf op voorhand al verwarring door die vraag alleen aan het college van B en W en niet aan collega-fracties voor te leggen. De gemeenteraad gaat immers (in meerderheid) over alle lastige keuzes in onze stad. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de vestigingsplaats van het theater. Ook de vraag of we verdwenen elementen uit de stadshistorie moeten terugbouwen (Pieckenpoort) is zo’n lastig dilemma. De G1000 zou daarom als idee eerst door alle fracties in de raad gedragen moeten worden. Ook moeten de fracties daarbij op voorhand aangeven hoe de adviezen van een dergelijk oploop zich gaan verhouden tot ‘het primaat van de politiek’.

2       Het tweede bezwaar ligt in het verlengde daarvan. Wie bepaalt de gespreksonderwerpen van de G1000 nu politieke partijen daartoe zelf het initiatief nemen? De stadsessays gaan over alles en niets. Ze vormen een mandje met gesprekspunten waarin nodig moet worden geselecteerd om een Poolse Landdag te voorkomen. Iedere partij legt eigen accenten. Dat zie je nu al. Zo wil GroenLinks het vooral hebben over duurzaamheid en steunt D66 het idee omdat de G1000 een platform voor democratische innovatie (‘kroonjuweel’) zou zijn. De eerste ervaringen met G1000 in andere steden laten al zien dat de invloed op de politieke koers en de gemeentelijke beleidsagenda beperkt is. Mijn idee is dat het stadsbestuur zijn arena van tegenstrijdige agenda’s en opvattingen niet moet willen uitbreiden naar de Bossche burgers.

3       Het derde bezwaar is dat het democratisch tekort van de Bossche gemeenteraad mij op dit moment niet het grootste vraagstuk in onze stad lijkt. Het leidt tot onnodig problematiseren zonder maatschappelijke resultaten. Het zou mooi zijn als het stadsbestuur in plaats daarvan concreet aan de slag gaat met de energie die buiten de raadszaal en het gemeentehuis al volop in onze stad aanwezig is:burgers die zich als vrijwilliger inzetten voor de leefbaarheid in de buurt of het wijkgebouw. Burgers die in het gat springen dat ontstaat door de bezuinigingen op en transformatie van zorg en welzijn. Ik noem dat het sociale kapitaal van de stad. 

Met het Maatschappelijk Investeringsfonds worden nu eerste goede stappen gezet, maar het gesprek daarover blijft nog teveel in het gemeentehuis hangen.Maatschappelijke initiatieven vragen om ‘samen zoeken’ en vooral: ‘leren tijdens het doen’. In plaats van een G1000 stel ik daarom voor om ‘De Bossche Voorkamers’ in het leven te roepen. Deze leveren een bijdrage aan een permanent zelflerende stad. Stadsbestuur en andere deelnemers/initiatiefnemers werken daarin samen:

–          hebben samen de opgaven benoemd waaraan ze willen werken, de participanten zijn niet willekeurig gekozen maar zijn betrokken bij de opgave en werken daar actief aan mee;

–          werken tijdens de uitvoering samen;

–          delen hun kennis en ervaring m.b.t. kansen, barrières en resultaten,

 College en organisatie treden hierdoor (nóg) meer naar buiten.

En een wakkere gemeenteraad zorgt ervoor dat hij de dilemma’s voorgelegd krijgt die zich bij de ideevorming en/of uitvoering voordoen. Op die wijze kan de raad zijn vermeend democratisch tekort prima compenseren. Dáár is geen G1000 voor nodig.

Hans Kessens

Vrijwilliger bij buurtkiep.nl, buurtwebsite voor de wijken Muntel, Vliert,Orthenpoort in s’-Hertogenbosch

 

 

 

 

 

 

Email me when people comment –

You need to be a member of G1000.nu to add comments!

Join G1000.nu

Comments

  • Reactie van Eric Leltz

    Op de opiniepagina van het Brabants Dagblad van 4 juli hield Hans Kessens een pleidooi om in plaats van het door GroenLinks en D66 geopperde plan om een 'G1000' te organiseren, 'Bossche voorkamers' in te stellen. Bij voorkamers buigen gemeentebestuur en inwoners zich over vooraf afgesproken thema's. Kenmerkend is dat de deelnemers inhoudelijke kennis hebben over de onderwerpen. Bijvoorbeeld omdat ze er in het dagelijks leven mee te maken hebben. Ook bij een G1000 gaat het om een gezamenlijke opgave, alleen worden de inwoners daar betrokken op basis van loting, dus willekeurig. Je voorkomt hiermee dat de gesprekspartners alleen maar bestaan uit de mondige, betrokken, hoog opgeleide dertigplusser. Omdat de deelnemers minder voorkennis hebben begint een G1000 met kennisvergaring.

    Onze democratie stamt uit een tijd dat inwoners ongeletterd, onbereikbaar en onmondig waren. Hierbij past representatieve politiek waarbij 'het volk' zich eens in de zoveel jaar uitspreekt en zich voor de rest laat vertegenwoordigen. Maar door opleiding en sociale media zijn inwoners tegenwoordig veel beter en sneller geïnformeerd over wat speelt in de samenleving. Bovendien kunnen inwoners zich snel organiseren. Gelijkdenkenden hebben elkaar na een oproep op Facebook of Twitter snel gevonden. Dit zorgt er voor dat de democratie in de huidige opzet, tegen haar grenzen aanloopt. Dan gaat het om draagkracht omdat besluitvorming te lang duurt en om draagvlak omdat inwoners zich onvoldoende vertegenwoordigd voelen. Ieder initiatief om inwoners meer te betrekken bij de (lokale) democratie kan dan ook op mijn sympathie rekenen. Zo ook de 'voorkamers'. Maar waarom zou daarnaast geen G1000 kunnen bestaan?

    Over de door Kessens genoemde bezwaren tegen een G1000: "wie binnen het gemeentebestuur committeert zich aan de uitkomsten?" en "wie bepaalt de gespreksonderwerpen?" zijn toch eenvoudig afspraken te maken. Denk aan de spelregels die bijvoorbeeld ook bij een referendum worden gemaakt. Kessens noemt ook nog twee andere bezwaren: "eerste ervaringen elders leren dat de invloed op de politiek beperkt is" en "een democratisch tekort is op dit moment niet het grootste vraagstuk in Den Bosch". Ook over het eerste punt kun je vooraf afspraken maken en bovendien kun je leren van de experimenten. Met het tweede punt zouden zelfs de door Kessens zo gewenste voorkamers nog even in de wachtkamer moeten. Immers daarmee wordt uiteindelijk ook ingespeeld op een democratisch tekort.

    Net als de democratie is ook de politiek aan vernieuwing toe, meer passend in een tijd waar inwoners mondiger zijn, de wereld transparanter is en besluitvorming sneller moet. De opgebouwde sociale kennis en ervaring in de samenleving kan daarom uitstekend worden ingezet om een G1000 te organiseren. Voorbeelden laten zien dat de deelnemers zich met grote toewijding, wederzijds respect en humor over (sociale) problemen buigen. Het maakt de deelnemers competenter, verfijnder in hun oordeel en geeft ze meer oog voor de complexiteit van politieke besluitvorming. Dit draagt weer bij aan meer respect voor politici. Bovendien krijg je door loting meer legitimiteit voor de voorgestelde besluiten en meer diversiteit van de deelnemers in plaats van alleen de direct betrokkenen en toch al actieve inwoners, zoals bij de voorkamers. Dit komt het draagvlak ten goede.

    Overigens is daarmee het besluit nog niet genomen. Daar gaat binnen de huidige regels van de democratie de gemeenteraad nog altijd over. Het zou haar sieren als ze bij een door haar zelf geïnitieerd experiment van de G1000 niet in de reflex schiet om daar ook weer haar eigen partijpolitieke plasje over te doen. Het gaat dan om loslaten en durven te vertrouwen op de kennis en kunde van de inwoners. Dan kunnen de voorgestelde besluiten zonder restrictie worden overgenomen. Anders krijgt Kessels op één van zijn punten: "de invloed van een G1000 op de politieke besluitvorming is beperkt" alsnog gelijk.

    Dit artikel stond op 11 juli 2015 in het Brabants Dagblad.

This reply was deleted.